Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001

Alinea 64 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1944.

“een spot-forextranactie bestaat uit ten minste twee tegenovergestelde overeenkomsten. Allereerst een (ver)koopovereenkomst van vreemde valuta tegen een op dat moment geldende koers waarbij directe levering en betaling is overeengekomen, maar waarbij de afwikkeling enige dagen later plaatsvindt. Vervolgens bestaat het sluiten van de aldus ingenomen positie (long-positie bij koop; short-positie bij verkoop) daarin dat een tegengestelde overeenkomst (de(ver)koop van de tevoren ge(ver)kochte vreemde valuta) gesloten wordt. De periode die ligt tussen de beide tegenovergestelde overeenkomsten is in beginsel onbepaald. De tegengestelde overeenkomst wordt gesloten op het moment dat een bepaalde door de (ver)koper aangegeven koerslimiet is bereikt. Echter, de ingenomen positie wordt dagelijks gesloten en vervolgens weer ingenomen ( het zogenaamde ‘doorrollen’ van de overeenkomsten), zodat de transacties in economische zin voortduren tot het bereiken van de aangegeven koerslimiet. De (ver)koopovereenkomsten worden afgesloten op de niet gereguleerde valutamarkt.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e, en de alinea staat in dat document op bytes 20847 tot 21937.