Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001
Alinea 91 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB1944.
31. Ik meen dat het bij gebrek aan een communis opinio aangewezen is om aansluiting te zoeken bij de strekking van de Wte. Voorzover de strekking van de Wte is de bevordering van een adequate functionering van de effectenmarkten ligt het nog wel voor de hand om verhandelbaarheid als een kenmerk van effecten te beschouwen, maar nu de wet als tweede, zelfstandig doel de bescherming van beleggers stelt, valt dat argument weg. Het gaat hier duidelijk om een beleggingsprodukt dat aan potentiële beleggers wordt aangeboden en dat lijkt voor de wetgever als het gaat om enigermate met de in de Wte genoemde effecten verwante waarden en rechten, het criterium te zijn om al dan niet van een effect in de zin van de Wte te spreken. Uit de bewijsmiddelen blijkt ook dat bij deze vorm van belegging aanzienlijke financiële risico’s worden gelopen. Uitgaande van het tweede doel van de Wte, bescherming van beleggers, is er dan ook alle reden om deze transacties, geheel afgezien van hun al dan niet verhandelbaarheid, onder het begrip transacties in soortgelijke rechten in de zin van art. 1 Wte te brengen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e, en de alinea staat in dat document op bytes 36901 tot 38022.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf139a4f85c7640d32870182fff73fc57fe1abb720a1de37d45a69b1a71a448e | shasum -a 256