Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2018.
2.7 Op grond van het bovenstaande heeft het Hof geoordeeld dat de vordering van [verweerster] tot de kennisneming van de Kantonrechter behoorde. [Verweerster] heeft de vordering echter bij de Rechtbank aanhangig gemaakt en Jemo heeft geen beroep gedaan op de onbevoegdheid van de Rechtbank. Zodoende heeft de Rechtbank de zaak aan zich gehouden en in hoogste feitelijke instantie recht gedaan (rov. 2.3). Een en ander leidt er, volgens het Hof, toe dat Jemo in haar hoger beroep niet-ontvankelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6750cc17acebeea050c06b01b81f04fb1a48b2291eaa26c24cde40a95617d29f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6750cc17acebeea050c06b01b81f04fb1a48b2291eaa26c24cde40a95617d29f, en de alinea staat in dat document op bytes 9970 tot 10483.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6750cc17acebeea050c06b01b81f04fb1a48b2291eaa26c24cde40a95617d29f | shasum -a 256