Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2019.
Uit het voorgaande vloeit voort dat Interfood niet in haar klachten tegen het tussenarrest van 22 september 1995 kan worden ontvangen. Niet deugdelijk lijkt mij de tegenwerping in de repliek zijdens Interfood dat het daarbij niet om eindbeslissingen ging, omdat m.i. uit 's hofs arresten geen andere conclusie getrokken kan worden dan dat dit wél het geval was (zie bijv. r.o. 8.4 van het tweede tussenarrest van 17 september 1996). Bovendien heeft het hof in dit tweede tussenarrest van 17 september 1996, r.o. 8.3 en 8.4, aldus op zijn eerste tussenarrest voortgebouwd, dat het heeft geoordeeld dat Interfood in beginsel jegens [verweerder] schadeplichtig was. Daarna was dan ook slechts nog aan de orde of [verweerder] zijn schade zou kunnen bewijzen. Zo Interfood deze (eind)beslissing van het hof en de daaraan ten grondslag liggende motivering had willen bestrijden, had zij dat dan ook bij haar eerste cassatieberoep, dat ook tegen dit tweede tussenarrest was gericht, moeten doen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ad06b8fa7b47892d75a9a4a2db39715897920da6acecb1d0f22cae827545e7d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ad06b8fa7b47892d75a9a4a2db39715897920da6acecb1d0f22cae827545e7d8, en de alinea staat in dat document op bytes 19430 tot 20432.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ad06b8fa7b47892d75a9a4a2db39715897920da6acecb1d0f22cae827545e7d8 | shasum -a 256