Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001

Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2019.

Het hof hoefde slechts te beoordelen of [verweerder] erin was geslaagd te bewijzen dat hij schade had gelopen "die is veroorzaakt door het feit dat hij deze poeder bij prompte teruglevering in 1992 voor f 3,50 per kg had kunnen verkopen" (zie tussenarrest 17 september 1996 r.o. 8.5 en dictum onder 1). Op grond van de afgelegde getuigenverklaringen was het hof van oordeel dat [verweerder] in dat bewijs is geslaagd. Dit oordeel is van feitelijke aard en als zodanig aan het hof voorbehouden. Het hof heeft zijn oordeel daaromtrent niet onvoldoende gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ad06b8fa7b47892d75a9a4a2db39715897920da6acecb1d0f22cae827545e7d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ad06b8fa7b47892d75a9a4a2db39715897920da6acecb1d0f22cae827545e7d8, en de alinea staat in dat document op bytes 22338 tot 22913.