Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2001
Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2064.
Voor zover aldus -zoals ter terechtzitting in hoger beroep en in het spoor daarvan ook door de stellers van het middel is betoogd - daarmee aan de raadsman een publieke taak wordt toebedeeld, is dat naar mijn mening onbegrijpelijk. Ik vermag niet in te zien welke taak de advocaat aldus van de overheid moet overnemen. Als de verdachte geestelijk gestoord is en niet voor zijn belangen kan opkomen lijkt het mij juist de taak van de advocaat te zijn ervoor te zorgen dat die belangen toch voldoende aandacht krijgen. Evenmin vermag ik in te zien hoe het mogelijk is dat door een ten behoeve van een verdachte openstaand rechtsmiddel in te stellen de belangen van die verdachte geschaad kunnen worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48788decf55b0326e240ade1a485cd3ac351658c06429227ecfccd10052ca171. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48788decf55b0326e240ade1a485cd3ac351658c06429227ecfccd10052ca171, en de alinea staat in dat document op bytes 24758 tot 25472.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48788decf55b0326e240ade1a485cd3ac351658c06429227ecfccd10052ca171 | shasum -a 256