Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2314.

Ik lees in de stukken van de belanghebbende het betoog dat zijn grondrecht op vrijwaring tegen gedwongen zelfincriminatie is geschonden, subsidiair dat de Inspecteur détournement de pouvoir verweten moet worden (de Inspecteur heeft het onderzoek enkel ingesteld, althans de inzage- en gegevensvorderingen met toepassing van art. 47 AWR enkel gedaan c.q. herhaald met het oog op de omkering van de bewijslast, dus in de hoop dat de belanghebbende niet volledig aan de vorderingen zou voldoen), hetgeen omkering van de bewijslast verhindert en overigens het aldus wél verkregen bewijsmateriaal onbruikbaar maakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dff35c35b4928a6720543f101f2728a6517bbd8b5f540a4906df2d0985490125. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dff35c35b4928a6720543f101f2728a6517bbd8b5f540a4906df2d0985490125, en de alinea staat in dat document op bytes 12277 tot 12903.