Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2376.

2.2 Het subonderdeel is gericht tegen de uitleg die het hof heeft gegeven aan grief II, welke grief zich richtte tegen rov. 4.4 van de door de rechtbank gegeven beschikking. De opbouw van deze overweging vertoont een eigenaardigheid. De rechtbank overwoog eerst, kort gezegd, dat de man met de Poolse onderneming een risico heeft genomen dat "niet geheel ten laste (kan) worden gebracht van zijn draagkracht". Daarna overwoog zij dat de man "het ontstaan van de schulden en de afwikkeling van de verkoop van de onderneming" niet voldoende aannemelijk heeft kunnen maken, zodat de rechtbank met de gevolgen van het mislukken van de Poolse onderneming geen rekening zal houden. Dat is een opmerkelijke volgorde van argumenten omdat het tweede van verdere strekking is dan het eerste en daaraan bovendien logischerwijs voorafgaat. Anders gezegd: het eerste argument was in het licht van het tweede overbodig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64, en de alinea staat in dat document op bytes 12654 tot 13572.