Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2376.
"Ik ben van mening, dat in alimentatiezaken de taak van de cassatierechter bij de toetsing van de motivering van de bestreden uitspraak uiterst beperkt is en ook moet zijn. Immers aan de beschikking van het hof is, zoals ook in de onderhavige zaak, een verhoor van partijen en hun raadslieden vooraf gegaan, waarvan weliswaar een proces-verbaal is opgemaakt en bij de stukken gevoegd, maar waarvan de inhoud niet exact al datgene kan bevatten, hetgeen ter terechtzitting is besproken en voorgevallen. Welnu het oordeel van het hof omtrent de alimentatie (dat uiteindelijk in niet onbelangrijke mate mede op intuïtie zal berusten) zal zijn voornaamste grondslag vinden in al hetgeen ter terechtzitting aan de dag is getreden. Duidelijk is dat de daaronder begrepen imponderabilia en indrukken in de motivering van de beschikking niet onder woorden kunnen worden gebracht. Daarom is in cassatie grote terughoudendheid geboden bij de toetsing van de motivering van uitspraken in alimentatiezaken."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64, en de alinea staat in dat document op bytes 15644 tot 16652.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64 | shasum -a 256