Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2376.
2.7 Maar met het vorenstaande is nog niet het hele verhaal verteld. Aan de andere kant van de balans ligt het - in art. 59 Rv in verbinding met art. 121 Grondwet verankerde - motiveringsbeginsel. Dit vereist dat elke rechterlijke beslissing ten minste zodanig moet worden gemotiveerd dat zij voldoende inzicht geeft in de daaraan ten grondslag liggende gedachtegang om de beslissing zowel voor partijen als voor derden - in het geval van openstaan van hogere voorzieningen: de hogere rechter daaronder begrepen - controleerbaar en aanvaardbaar te maken.(7) Hoe ver de motiveringsplicht van de rechter gaat, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Tot die omstandigheden behoort in elk geval het aan de beslissing ten grondslag liggende partijdebat.(8)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64, en de alinea staat in dat document op bytes 16672 tot 17449.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/71ce1d8430fead5a42d3740989f0f4b3708215a9958e9378929b2dba02490e64 | shasum -a 256