Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2438.

3.2 Verval van instantie werkt niet van rechtswege. Teneinde door de rechter te kunnen worden uitgesproken, moet het door de belanghebbende partij worden gevorderd. Art. 282 Rv. eist voor het instellen van deze incidentele vordering de betekening van een 'eenvoudige akte' aan de wederpartij zelf of aan haar woonplaats(6). Procespartijen worden ingevolge de art. 133 en 137 Rv. - welke bepalingen op grond van art. 353 Rv. ook in hoger beroep van toepassing zijn - geacht voor de desbetreffende instantie woonplaats te hebben gekozen op het kantoor van hun procureur. Tot aan het eindvonnis kunnen alle stukken van het geding - waaronder de in art. 282 Rv. bedoelde akte - op dit adres worden betekend(7).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f, en de alinea staat in dat document op bytes 11496 tot 12215.