Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2438.

3.3 Uw Raad heeft bij arrest van 10 augustus 1983, NJ 1984, 184 m.nt. PAS beslist dat indien de Hoge Raad, na vernietiging van een bestreden uitspraak, de zaak niet zelf afdoet maar deze verwijst, de rechter naar wie het geding is verwezen de behandeling daarvan op grond van art. 424 Rv. zal voortzetten en beslissen met inachtneming van de uitspraak van de Hoge Raad. Indien het daarbij, zoals hier, gaat om de vernietiging van een einduitspraak van de appelrechter en de verwijzing geschiedt naar de appelrechter, heeft dit tot gevolg dat de appelinstantie, die aanhangig is geworden met de appeldagvaarding, onvoltooid is en voortduurt. Wordt de appelinstantie na cassatie en verwijzing gedurende drie jaar niet voortgezet, dan is zij vatbaar voor verval in de zin van de art. 279 e.v. Rv.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f, en de alinea staat in dat document op bytes 12235 tot 13041.