Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2438.
3.14 In het arrest van 24 maart 2000, NJ 2000, 601 m.nt. HJS heeft Uw Raad geoordeeld dat indien in enig wetsartikel zonder nadere omschrijving wordt gesproken over het aanhangig zijn van een zaak, naar aard en strekking van het voorschrift moet worden beoordeeld of in de zin van dat artikel het geding reeds als aanhangig geldt door het uitbrengen van de dagvaarding dan wel of daarvoor bovendien inschrijving ter rolle van het gerecht nodig is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f, en de alinea staat in dat document op bytes 20318 tot 20778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4edd3a092cce206c37b32da90ff5fe8354e6d391d12e4b346e32aa2ba588f23f | shasum -a 256