Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2549.

het kind bij uitsluiting aan hem toe te wijzen tot het tijdstip waarop in de bodemprocedure over het gezag is beslist, rekening gehouden met de reeds in deze kwestie gegeven tussenbeslissing van de rechtbank in de bodemprocedure en met de beslissing van de kinderrechter. Zo heeft zij in overweging genomen dat op het verzoek van de vader als bedoeld in art. 1:253n BW door de rechtbank bij tussenbeschikking van 4 december 1998 is beslist dat hangende het onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming het kind bij de vader haar verblijfplaats zou hebben en dat de kinderrechter op 8 maart 1999 het kind voorlopig voor de duur van drie maanden onder toezicht heeft gesteld en een machtiging tot plaatsing van het kind bij haar vader heeft verleend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/452187b298a598c4f48349083631e9a2f982bdc6646b6eab957b3a0a5d989bf7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 452187b298a598c4f48349083631e9a2f982bdc6646b6eab957b3a0a5d989bf7, en de alinea staat in dat document op bytes 8675 tot 9440.