Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2741.
2.3 Monda heeft bij memorie van antwoord aangedragen dat [eiser] zich met twee anderen als gegadigde voor de camping bij haar heeft aangediend. Gezamenlijk zouden zij de camping gaan exploiteren. De twee anderen hadden, volgens Monda, wel ervaring. Een van de twee was, nog steeds volgens Monda, deskundig op het gebied van technisch onderhoud. [eiser] heeft zich bovendien door twee deskundigen - een accountant en een makelaar - laten bijstaan (blz. 4/5 en 19). Volgens Monda was [eiser] reeds eind 1990 op de hoogte van de slechte staat van de electrische installatie (blz. 6). Zij betoogt - samengevat - dat [eiser] de staat van het onderzoek heeft aangegrepen om van de camping af te komen. In werkelijkheid zouden daaraan andere redenen ten grondslag hebben gelegen (blz. 6-8). In dit verband benadrukt zij dat [eiser] niet in staat was de koopprijs gefinancierd te krijgen (o.m. blz. 12/13).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/073e809df81b88cea61241853c41e931cbb17cc7afda1877f7cde9190b80d9cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 073e809df81b88cea61241853c41e931cbb17cc7afda1877f7cde9190b80d9cf, en de alinea staat in dat document op bytes 6690 tot 7601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/073e809df81b88cea61241853c41e931cbb17cc7afda1877f7cde9190b80d9cf | shasum -a 256