Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2772.
12. Middel II komt - zoals gezegd - op tegen 's Hofs overweging dat de relatief korte duur van het huwelijk niet een reden is om de vóór het huwelijk reeds opgebouwde pensioenen geheel of gedeeltelijk buiten de verrekening te houden. In dat verband wordt betoogd dat het in casu gaat om een bijzonder geval omdat de voorhuwelijkse pensioenrechten zijn opgebouwd in een periode van maar liefst bijna vierentwintig jaar en het huwelijk slechts vijf jaar heeft geduurd; voorts wordt erop gewezen dat de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding het pensioenvereveningsrecht doelbewust heeft gerelateerd aan het tijdens het huwelijk opgebouwde pensioen, terwijl ook overigens pensioenopbouw gelet op de bij velen bestaande taakverdeling binnen het huwelijk in beginsel moet worden beschouwd als het resultaat van de gemeenschappelijke inspanning van beide echtgenoten en in casu voor een zeer groot deel van de totale pensioenopbouw geldt dat van een gemeenschappe-lijke inspanning geen sprake is geweest.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4e0f305ef4d344dd430f158c12f2187bdd1a4eec6862a79d5dc93c48baeb45c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4e0f305ef4d344dd430f158c12f2187bdd1a4eec6862a79d5dc93c48baeb45c, en de alinea staat in dat document op bytes 24471 tot 25490.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c4e0f305ef4d344dd430f158c12f2187bdd1a4eec6862a79d5dc93c48baeb45c | shasum -a 256