Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2783.

Het tweede middel klaagt over schending van art. 429q lid 2 Rv doordat het hof de vader niet persoonlijk zou hebben opgeroepen. De klacht faalt bij gebrek aan feitelijke grondslag. In de overweging van het hof dat de vader behoorlijk is opgeroepen (laatste alinea onder het kopje "HET GEDING") ligt besloten dat de oproeping overeenkomstig art. 3 van het ingevolge art. 429r Rv. van toepassing zijnde Besluit oproepingen, mededelingen en zendingen verzoekschriftprocedures heeft plaatsgevonden (zie HR 3 november 1995, NJ 1996,123, HR 14 februari 1997, NJ 1997,378, m.nt. JdB en HR 14 april 2000, NJ 2000,359).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb16ea183e9345a42426e5f6f4a6babb3fbe130f618ddedb3beb03c142c7b3fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb16ea183e9345a42426e5f6f4a6babb3fbe130f618ddedb3beb03c142c7b3fe, en de alinea staat in dat document op bytes 10395 tot 11019.