Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2795.

4 Bij Hart/Honoré, Causation in the law, Oxford 1985, p. 246 vindt men een argumentatie om dit verschil te verklaren: persoonlijke "verdiencapaciteit" is niet een goed dat men geredelijk op elk gewenst moment te gelde kan maken, terwijl dat voor de goederen waarbij zgn. "momentschade" wordt vastgesteld, als regel wel het geval is. Daarom zou schade aan de laatstgenoemde goederen mogen worden benaderd aan de hand van de theoretisch te realiseren (verkoop)waarde, die meteen als gevolg van de schadeoorzaak verloren gaat. Dat is een interessante gedachte. Ofschoon inkomensschade door verlies van "verdiencapaciteit" onder (de meeste) omstandigheden wel als dadelijk na de schadeoorzaak geleden, en door kapitalisatie berekende schade kan worden gewaardeerd én geïncasseerd, zie bijv. HR 17 oktober 1997, NJ 1998, 508 m.nt. JBMV en HR 14 januari 2000, NJ 2000, 437 m.nt. CJHB, is het inderdaad moeilijk denkbaar dat men persoonlijke "verdiencapaciteit" door eenmalige verkoop te gelde maakt. Bij een winstgevende ondernemingsactiviteit is dat overigens vaak wèl mogelijk. In de onderhavige zaak heeft [verweerder] gevraagd om begroting van zijn schade ineens - maar daaraan niet de consequentie verbonden dat zijn schade voor de beoordeling van het onderhavige verweer van de gemeente als "momentschade" zou moeten worden aangemerkt. In cassatie is dit punt in ieder geval niet aan de orde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7d8a35f6676a2394d3e159cd350ad31221049e62c4e20409ce7927cbde3b714f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7d8a35f6676a2394d3e159cd350ad31221049e62c4e20409ce7927cbde3b714f, en de alinea staat in dat document op bytes 29543 tot 30953.