Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2001

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2875.

12. Dat oordeel is juist. Blijkens de memorie van toelichting bij wetsvoorstel 23 470 hebben de staatssecretaris van Financiën en de minister van Justitie nadrukkelijk voor ogen gehad het bereik van de fiscale strafbaarstellingen, voor zover die zien op het opzettelijk niet (wat de aangifteplicht betreft ook het opzettelijk niet tijdig) of op inhoudelijk onjuiste wijze voldoen aan fiscale verplichtingen, te beperken tot de gevallen waarin de gedraging kennelijk is gericht op benadeling van de fiscus, welke beperking zij hebben willen bewerkstelligen door het voorheen in art. 68 AWR opgenomen zogenaamde gevolgsbestanddeel (dat mede door het gebruik van een dubbele potentialis nauwelijks onderscheidende betekenis had) te vervangen door de eis dat de gedraging ertoe moet strekken dat te weinig belasting wordt geheven. Even nadrukkelijk hebben zij geen zwaardere eisen aan het opzettelijke van de gedraging willen stellen, zoals oogmerk op het betalen van te weinig belasting, maar aan de vereiste strekking van de gedraging deze betekenis willen toekennen dat de gedraging, op zichzelf beschouwd en naar ervaringsregels, de aanmerkelijke kans in het leven moet roepen dat te weinig belasting zal worden geheven (Kamerstukken II, 1993 - 1994, 23 470, nr 3, p. 20 - 24).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0febea14ab9836675e2e3781d7d1337f49bdb489a9dd5ff2b554104109389f0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0febea14ab9836675e2e3781d7d1337f49bdb489a9dd5ff2b554104109389f0f, en de alinea staat in dat document op bytes 12520 tot 13811.