Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2882.
22. De stelling van de raadsman, dat, indien de inhoud van bescheiden wordt gefaxt aan de verzoekende Staat voordat een beslissing omtrent het verzoek tot uitlevering is genomen, het bepaalde in het Uitleveringsverdrag illusoir wordt gemaakt, kan ik om de volgende redenen niet onderschrijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5147f21966ec74ba9eca66aea20bc7f0d8b63879eb8429034d5ba093582bcbfe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5147f21966ec74ba9eca66aea20bc7f0d8b63879eb8429034d5ba093582bcbfe, en de alinea staat in dat document op bytes 14908 tot 15215.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5147f21966ec74ba9eca66aea20bc7f0d8b63879eb8429034d5ba093582bcbfe | shasum -a 256