Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB2961.

49. Ten eerste: van rechterlijk ambtenaren moet uit hoofde van hun aanstelling verwacht worden dat zij hun taken nauwgezet en op strikt onvooringenomen wijze vervullen. Indien een rechterlijk ambtenaar zich bereid en in staat acht op zijn ambtseed te relateren wat hij op een eerder tijdstip heeft gezien of gehoord moet er vanuit gegaan kunnen worden dat dit relaas juist is. Er is geen aanleiding om te betwijfelen dat de voorzitter van de strafkamer van de Rechtbank in zijn aantekeningen heeft teruggevonden wat in het nadien opgemaakte proces-verbaal is vermeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49dc6341f2c66c635fb89a28c6eb91ca0959eb917c98676f218c45e85e756a1f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49dc6341f2c66c635fb89a28c6eb91ca0959eb917c98676f218c45e85e756a1f, en de alinea staat in dat document op bytes 38110 tot 38690.