Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB3188.
15. Er zijn noch op grond van de parlementaire stukken noch anderszins aanwijzingen te vinden op grond waarvan geoordeeld moet worden dat de wetgever kennelijk de bedoeling heeft gehad de mogelijkheid van onbetaalde arbeid ten algemenen nutte niet toe te staan bij economische delicten. Het tegendeel is aannemelijker omdat het wetsvoorstel een codificatie vormt van de jaren waarin op experimentele basis de dienstverlening als alternatieve sanctie is ontwikkeld en in die experimentele fase economische delicten niet werden uitgesloten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfc00a479613c79a9abd5e92026f4a34f6b68f09f313e261cf1ff16207da2798. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfc00a479613c79a9abd5e92026f4a34f6b68f09f313e261cf1ff16207da2798, en de alinea staat in dat document op bytes 12489 tot 13040.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bfc00a479613c79a9abd5e92026f4a34f6b68f09f313e261cf1ff16207da2798 | shasum -a 256