Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB3244.
7. De steller van het middel meent in de bestreden uitspraak desalniettemin een aanknopingspunt gevonden te hebben voor een (rechtstreekse) toetsing van 's Hofs oordeel aan hetgeen is neergelegd in 'richtlijnen'. Uit de eerste voetnoot in de schriftuur lijkt te moeten worden opgemaakt dat daarbij wordt gedoeld op zogenaamde 'regels van Wagenaar', de 'procedureregels van de Recherche Advies Commissie' en richtlijnen van de rechercheschool te Zutphen. Dat aanknopingspunt is er in gelegen dat de steller van het middel 's Hofs overwegingen aldus verstaat dat het Hof zelf deze 'richtlijnen' als rechtsregels heeft aangemerkt. Dat wordt afgeleid uit de door het Hof opgenomen zinsnede "de bewijsgaring [is] niet tot stand gekomen in strijd met één van bovengenoemde geschreven of ongeschreven rechtsnormen en kan [...] ook overigens niet als onrechtmatig worden aangemerkt".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e, en de alinea staat in dat document op bytes 15622 tot 16512.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e | shasum -a 256