Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB3244.

17. In dit verband dient evenwel bedacht te worden, enerzijds dat het oordeel of de gang van zaken bij een confrontatie in strijd is met een eerlijke procesvoering geheel moet berusten op waarderingen van feitelijke aard, anderzijds dat de feitenrechter nooit zal kunnen volstaan met het oordeel dat die strijdigheid zich voordoet, doch vervolgens zal hebben te bepalen of de opgetreden onrechtmatigheid tot gevolg moet hebben dat het daardoor verkregen bewijsmateriaal in de aan zijn oordeel onderworpen zaak buiten beschouwing moet blijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e, en de alinea staat in dat document op bytes 27217 tot 27772.