Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Alinea 85 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB3244.

43. In het middel wordt aangevoerd dat het Hof het ter verdediging aangevoerde desalniettemin aldus had moeten verstaan dat een verweer van die strekking werd gevoerd. Dat zou het Hof hebben moeten opmaken uit de opmerking van de raadsman dat de officier van justitie een zogenaamde Oslo-confrontatie heeft tegengehouden, waarin besloten ligt dat de officier van justitie naar het inzicht van de verdediging een ernstige inbreuk heeft gemaakt op de belangen van de verdachte. Verder wordt er op gewezen dat nadrukkelijk een beroep is gedaan op (schending van) het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op een eerlijk proces.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba962fac5cc57838774777a3bbd142b142cf87b2e71f1d8d9f4f75a7062d447e, en de alinea staat in dat document op bytes 45303 tot 45938.