Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AB3326.
7. Het hof heeft het vorenoverwogene in tweeërlei opzicht miskend. In de eerste plaats had het geen genoegen moeten nemen met de kennelijk niet door enig schriftelijk stuk gestaafde mededeling van een medewerker van de afdeling zittingsvoorbereiding dat verzoeker op 18 februari 2000 niet gedetineerd was. Het hof had immers dienen te onderzoeken of verzoeker op 21 februari 2000, de dag van de terechtzitting, tengevolge van detentie verhinderd was aldaar aanwezig te zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/949b84ce827a2445feffe23ee8906c7fc8276028b45c226ffaeb7fd8df1048a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 949b84ce827a2445feffe23ee8906c7fc8276028b45c226ffaeb7fd8df1048a6, en de alinea staat in dat document op bytes 10248 tot 10736.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/949b84ce827a2445feffe23ee8906c7fc8276028b45c226ffaeb7fd8df1048a6 | shasum -a 256