Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD2687.

2.10 Met betrekking tot de proceskosten bij het beroep in cassatie in verzoekschriftprocedures bepaalt art. 429 derde lid, eerste volzin Rv. dat de Hoge Raad bij de beschikking zodanige uitspraak omtrent de kosten doet, als hij vermeent te behoren. Nu hier sprake is van een (ambtshalve gegeven) onjuiste beslissing, zouden volgens Heemskerk(6) de kosten ten laste moeten worden gebracht van de Staat, doch hij voegt er aan toe dat de wet die ruimte niet biedt. Er is in ieder geval geen enkele aanleiding [verweerder] in (een deel van) de kosten te veroordelen. Ik meen daarom dat de kosten in cassatie dienen te worden gecompenseerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/34e5fe027a05c21acde1a03d8e9171a61c1b36769fba789f2762463265ae6ac6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 34e5fe027a05c21acde1a03d8e9171a61c1b36769fba789f2762463265ae6ac6, en de alinea staat in dat document op bytes 11702 tot 12350.