Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD3935.

Ik merk op dat er ook stemmen opgaan om de regels voor de begroting van schade aan te scherpen en te expliciteren - wat impliceert dat de beoordelingsvrijheid van de (feitelijke) rechter wordt beperkt, en dat de motiveringsplicht dienovereenkomstig wordt verzwaard. Zie bijv. Barendrecht c.s., Berekening van schadevergoeding (1995), pag. 26 e.v. en Brunner, Cahen-bundel, pag. 63 e.v. Ofschoon ik voor dit standpunt sympathie heb, moet ik erkennen dat de onderhavige zaak exemplarisch is voor de moeilijkheden waarmee de (feiten)rechter bij het vaststellen van schade geconfronteerd wordt; en dat deze zaak in zoverre ammunitie oplevert voor degenen die de vrijheid van die rechter in dit opzicht niet willen beperken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29f1189f148a4d6e95eb6a045109c27fc63c03b360ec7c17985de3a018713e27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29f1189f148a4d6e95eb6a045109c27fc63c03b360ec7c17985de3a018713e27, en de alinea staat in dat document op bytes 23393 tot 24125.