Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 november 2001

Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 20 november 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD4290.

7 Bij de parlementaire behandeling van het Wetsvoorstel bijzondere opsporingsbevoegdheden bleek het kabinet van mening dat de inzet van een criminele burgerinfiltrant, zij het in zeer uitzonderlijke gevallen en onder stringente voorwaarden, mogelijk moet zijn. Memorie van Toelichting, Kamerstukken II, 1996-1997, 25403, nr. 3, blz. 121; Handelingen II, 12 november 1998, 24-1556.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/50ee6b796ad4369bba4154590f949bf21377342d49f67bc67cec21fd22d00fa6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 50ee6b796ad4369bba4154590f949bf21377342d49f67bc67cec21fd22d00fa6, en de alinea staat in dat document op bytes 24445 tot 24838.