Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD4366.
3.3. Vervolgens rijst de vraag of art. 6 EVRM ook is geschonden gelet op de totale duur van de behandeling van verzoekers zaak. De steller van het middel beroept zich daartoe in het bijzonder op de omstandigheid dat de "vertragingsfactor die voortvloeit uit de 'omweg' via het Gerechtshof niet voor rekening van verzoeker kan komen" nu namens verzoeker " beroep" is aangetekend tegen het vonnis in eerste aanleg, welk beroep de griffier van de rechtbank had moeten verstaan als "cassatieberoep".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66, en de alinea staat in dat document op bytes 7970 tot 8478.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66 | shasum -a 256