Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD4366.
3.5. Ambtshalve merk ik evenwel op dat in dit opzicht nog een andere omstandigheid op de achtergrond een rol speelt die de beoordeling van de onderhavige rechtsvraag naar mijn inzicht enigszins genuanceerder maakt. Dit betreft de omstandigheid dat de politierechter in het vonnis a quo de advocaat van de niet verschenen verdachte er - zonder meer - van in kennis heeft gesteld "dat verdachte binnen 14 dagen hoger beroep kan instellen tegen dit vonnis". Deze vermelding is onjuist voorzover deze mededeling mede betrekking heeft op de onder 3. bewezenverklaarde overtreding nu daartegen slechts beroep in cassatie heeft opengestaan.(3) Mijn ambtgenoot A-G Wortel concludeerde vóór HR 20 maart 2001, gr.nr. 02414/00 (ongepubliceerd) het volgende: "De vertraging die optreedt door het instellen van het verkeerde rechtsmiddel dient te worden toegerekend aan degene door of namens wie die procedurefout is gemaakt". Deze gedachtegang onderschrijf ik. In deze is, behalve namens verzoeker, kritisch beschouwd eveneens een "procedurefout" gemaakt door de politierechter en nadien door de griffie. De processuele beginselen alsook de rechtvaardigheid nemen daarom in mijn visie mee, dat de vertraging welke te dezen is ontstaan mede voor rekening van justitie dient te komen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66, en de alinea staat in dat document op bytes 9112 tot 10398.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c4e1ee5f75361c037e2c6dc5ab34cae4c5cf17d69d4f49c9620141b1ceb7de66 | shasum -a 256