Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD4383.

20. Het is de vraag of dit tot vernietiging van het bestreden arrest moet leiden. Ik meen dat dit niet het geval is. Of het slachtoffer in staat van bewusteloosheid of onmacht verkeerde, is in de onderhavige zaak voor de strafbaarheid van geen betekenis nu vaststaat (en niet is betwist) dat het drie jaren oude slachtoffer beneden de leeftijd van zestien jaren was. Dat laatste is voor overtreding van art. 247 (oud) Sr , zoals dit luidde toen het bewezenverklaarde feit werd begaan, voldoende. Dat het jeugdige slachtoffer ook in staat van bewusteloosheid of onmacht verkeerde, verandert niets aan de toepasselijke bepaling en het daarbij behorende strafmaximum: het blijft het misdrijf van artikel 247. Van meerdaadse samenloop of een wettelijke strafverhogende omstandigheid is geen sprake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d6eff299ba7fc361168fa120b527aadef25e6fc8ca5e287ab6c8d5516d5e0fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d6eff299ba7fc361168fa120b527aadef25e6fc8ca5e287ab6c8d5516d5e0fe, en de alinea staat in dat document op bytes 14221 tot 15029.