Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 november 2001

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 27 november 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD4434.

Het komt mij voor dat de steller van het middel hier miskent dat niet aan de orde is of verzoeker al dan niet terecht heeft vertrouwd op de waarnemingen van de behandelaars van [betrokkene A], maar de vraag of verzoeker gehandeld heeft met voorwaardelijk opzet. In 's Hofs overwegingen komt tot uitdrukking dat in de door het Hof geschetste omstandigheden verzoeker er niet op heeft kunnen en mogen vertrouwen dat [betrokkene A] [het slachtoffer] niet zou vermoorden. Dat wellicht uit het feit dat [betrokkene A] uit het ziekenhuis werd ontslagen, kon worden geconcludeerd dat van die zijde geen gevaar van [betrokkene A] (meer) werd verwacht, maakt dit niet anders. Daarbij moet in ogenschouw worden genomen dat [betrokkene A] zijn plannen met betrekking tot [het slachtoffer] tegenover verzoeker heeft geëxpliciteerd en dat dit alles - blijkens 's Hofs vaststellingen - plaatsvond na ontslag uit het ziekenhuis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0a2f3f9f3b6156d3d9b9680b9ee7df3370d25c256a394980797c988f2a05e50. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0a2f3f9f3b6156d3d9b9680b9ee7df3370d25c256a394980797c988f2a05e50, en de alinea staat in dat document op bytes 13616 tot 14543.