Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5149.

6. 's Hofs overwegingen houden wel in waarom onvoorwaardelijke gevangenisstraf van de door het Hof bepaalde duur een passende sanctie is geacht, maar niet de redenen waarom het verrichten van onbetaalde arbeid daarvoor niet in de plaats zou kunnen komen en het daartoe strekkende aanbod dient te worden afgewezen. Dat is in strijd met art. 359, achtste lid Sv, zoals die bepaling gold ten tijde van het wijzen van de bestreden uitspraak, en maakt de bestreden uitspraak nietig, vgl. art. 359, tiende lid Sv OUD, en (uit een tamelijk lange reeks) HR NJ 2001, 70.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f78e8a28ba1cf8b5f077b145439dc8caa40685909b23058b0a629a8cdbe3c06f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f78e8a28ba1cf8b5f077b145439dc8caa40685909b23058b0a629a8cdbe3c06f, en de alinea staat in dat document op bytes 7518 tot 8093.