Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 december 2001
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 4 december 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5208.
13. Voorts kan de vraag rijzen of een advocaat zich tot het instellen van het rechtsmiddel gemachtigd mag achten indien zijn cliënt dat weliswaar niet na de uitspraak met zoveel woorden heeft kenbaar gemaakt, maar de advocaat uit eerder overleg met die cliënt heeft kunnen begrijpen dat de uitspraak waartegen het rechtsmiddel openstaat niet overeenstemt met datgene waarin de verdachte wenst te berusten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64a2d6da1a4a19793f1e32afa10b83c7c769946a83c37f61c258acc85889ef12. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64a2d6da1a4a19793f1e32afa10b83c7c769946a83c37f61c258acc85889ef12, en de alinea staat in dat document op bytes 16614 tot 17034.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/64a2d6da1a4a19793f1e32afa10b83c7c769946a83c37f61c258acc85889ef12 | shasum -a 256