Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001
Alinea 129 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5302.
9 HR 9 oktober 1981, NJ 1982, 332 CJHB rov. 2 en 3 en de noot van Brunner onder 3; mogelijk anders J.M. van Dunné, TMA 2000 blz. 40. Vgl. mijn conclusie voor HR 8 januari 1999, NJ 1999, 319 ARB onder 3.7. Hieraan doet niet af dat, volgens het arrest Bargerbeek, veelal slechts door deskundigen zal kunnen worden beoordeeld welke betekenis aan dergelijke factoren toekomt. Ook deskundigen zullen niets zinnigs kunnen zeggen zonder dat voldoende feiten voorhanden zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e88d911384993ee14b81c1de4b62efe6625a383ce5ea08edc8c47b946861acd3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e88d911384993ee14b81c1de4b62efe6625a383ce5ea08edc8c47b946861acd3, en de alinea staat in dat document op bytes 43982 tot 44463.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e88d911384993ee14b81c1de4b62efe6625a383ce5ea08edc8c47b946861acd3 | shasum -a 256