Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001

Alinea 143 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5302.

23 Anders bijvoorbeeld J.M. van Dunné; hij betoogt - samengevat - dat in gevallen als de onderhavige een aansprakelijkheid geldt die dicht in de buurt komt van een risico-aansprakelijkheid (TMA 2000 blz. 42 e.v.). Zijn betoog overtuigt niet. Ten eerste is het gebaseerd op een verkeerde lezing van van het in de tekst besproken arrest West-Friesland (blz. 42). Van Dunné leidt daaruit af dat waterschappen ipso iure een onderzoeksplicht hebben voor schade aan derden c.a. In het arrest wordt evenwel slechts een oordeel gegeven voor het geval waarin een klacht is binnengekomen. Voorts is het m.i. ten minste aan twijfel onderhevig of Uw Raad ten deze wel inspiratie ontleent aan art. 6:174 BW (blz. 43/44). En ten slotte - maar dat kon Van Dunné nog niet weten - is de werking van het Wrakkenwetarrest (een van de pijlers van zijn betoog) door Uw Raad ingeperkt (HR 15 juni 2001, RvdW 2001, 114 rov. 3.4). In de door mij bepleite zin W.H. van Boom onder HR 19 november 1999, A&V 2000 blz. 20 l.k.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e88d911384993ee14b81c1de4b62efe6625a383ce5ea08edc8c47b946861acd3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e88d911384993ee14b81c1de4b62efe6625a383ce5ea08edc8c47b946861acd3, en de alinea staat in dat document op bytes 47142 tot 48159.