Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2001
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5318.
2.14 Voorts heeft Océ betwist dat ABB een beroep kan doen op derdenwerking van de bepalingen in de AVGE op grond van een redelijke uitleg van het beding en het feit dat ABB de werkzaamheden verrichtte in opdracht van Mega Limburg (10.3 e.v.). Mocht het exoneratiebeding haar in beginsel kunnen worden tegengeworpen, dan ligt dat haars inziens in casu anders. Immers zou sprake zijn van grove schuld van ABB, te weten van haar ploegbaas [betrokkene B] (onder 10.5.3). Dit wordt nader uitgewerkt onder 11.1.2 e.v.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba67f4ada12d4079c5abc293a37440cc36b644206c086b3caa719973476b0a4e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba67f4ada12d4079c5abc293a37440cc36b644206c086b3caa719973476b0a4e, en de alinea staat in dat document op bytes 14168 tot 14693.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ba67f4ada12d4079c5abc293a37440cc36b644206c086b3caa719973476b0a4e | shasum -a 256