Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 december 2001

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 21 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5352.

2.16 Subonderdeel 3.2 is gericht tegen 's hofs overweging in rov. 4.7 dat de getuigen [de makelaar] en [adviseur A] geen van beiden hebben "kunnen refereren aan uitdrukkelijke of concrete bewoordingen van partijen waarmee dezen hun overeenstemmende wil jegens elkaar hebben verklaard". Het subonderdeel verwijt het hof aldus te zijn uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting omdat het miskent dat [verweerder] het aanbod van [eisers] ook stilzwijgend kan hebben aanvaard, in het bijzonder door gedragingen die deze aanvaarding impliceren, over welke gedragingen beide getuigen hebben verklaard.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c8a7188276c5d3579e5657a2acdb9d91430aca0df7ed42731383cac43ccc31e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c8a7188276c5d3579e5657a2acdb9d91430aca0df7ed42731383cac43ccc31e, en de alinea staat in dat document op bytes 31002 tot 31610.