Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5357.

1.6 Probis is tegen dit vonnis in hoger beroep gegaan bij het gerechtshof te Den Bosch. Bij memorie van grieven verbreedde zij de grondslag van haar verweer met de stelling dat art. 15 van de notariële akte moet worden uitgelegd in samenhang met een op diezelfde dag tussen partijen gesloten onderhandse overeenkomst(3) waarin de beide aandeelhouders van Indeko, Probis en Manasco CV, verklaren ieder om niet 20% van hun aandelen-Indeko aan [verweerder] te zullen overdragen onder een drietal voorwaarden, die erop neerkwamen dat Indeko financieel weer gezond zou zijn en [verweerder] zijn taak als "een goede huisvader" zou hebben vervuld. Voorts betoogde Probis dat de onderhavige voorwaarde een potestatief karakter draagt omdat de vervulling daarvan afhankelijk was van de wil van [verweerder]. Daarnaast handhaafde zij haar verweer dat op haar slechts een voorwaardelijke inspanningsverbintenis rustte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fabfde3f810ede5eee8a46a7b78c8426b7e7691966b2099a83fcac681402b63a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fabfde3f810ede5eee8a46a7b78c8426b7e7691966b2099a83fcac681402b63a, en de alinea staat in dat document op bytes 7840 tot 8761.