Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 december 2001

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 18 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD5593.

In de rechtspraak is beslist dat ook de gemotiveerde verwerping van bewijsverweren, dat wil zeggen verweren die betrekking hebben op de bruikbaarheid van hetgeen tot bewijs kan dienen, desnoods mogen worden opgenomen in de aanvulling op de verkorte uitspraak. Van deze mogelijkheid kan gebruik gemaakt worden om misslagen in de verwerping van zulke verweren, zoals die in de uitspraak zijn weergegeven, te herstellen, vgl. HR NJ 1999, 387 en HR NJ 2001, 352. Nadere overwegingen ten aanzien van het bewijs en beslissingen die betrekking hebben op de bruikbaarheid van bewijsmateriaal zijn te begrijpen onder de voor het bewijs redengevende omstandigheden als bedoeld in art. 359, derde lid, Sv.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcc308376a6b15e69d7ff36b59b49b4f5cd8bdddf162f9eb3875d333cfb6dda3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcc308376a6b15e69d7ff36b59b49b4f5cd8bdddf162f9eb3875d333cfb6dda3, en de alinea staat in dat document op bytes 15680 tot 16387.