Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD6098.

(c) Bij scheidsrechterlijk vonnis van 29 maart 1999 is aan [verweerster] gelast om binnen twee dagen na betekening van dat vonnis de uitoefening van het retentierecht te staken, op straffe van een dwangsom. Voorts is voor recht verklaard dat de overeenkomst tussen partijen per 17 februari als ontbonden moet worden beschouwd, dat [verweerster] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiser] door zonder rechtsgrond over te gaan tot uitoefening van een retentierecht en dat [verweerster] - voorzover in rechte komt vast te staan dat de overschrijding van het bouwperceel voor risico van [verweerster] en/of [eiser] komt - aansprakelijk is voor de daardoor ontstane schade. Daarnaast is [verweerster] veroordeeld tot betaling van de schade die [eiser] als gevolg van haar wanprestatie en de onrechtmatige uitoefening van het retentierecht heeft geleden, welke schade nader dient te worden opgemaakt bij staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9dbd67820196045f6be9a6601449c9ec902c7a987299816f01da17d168cffde9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9dbd67820196045f6be9a6601449c9ec902c7a987299816f01da17d168cffde9, en de alinea staat in dat document op bytes 5220 tot 6139.