Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD6098.
2.7 Aangezien de Hoge Raad niet tot taak heeft om abstracte oordelen over academische vragen te geven maar om in concrete geschillen te beslissen, zal het onderdeel - wil [eiser] daarbij voldoende belang hebben - aldus moeten worden gelezen, dat deze verplichting in de omstandigheden van het onderhavige geval voortvloeit uit de redelijkheid en billijkheid. Daarom moet het onderdeel m.i. in samenhang worden behandeld met de onderdelen b en c, waarin de onderbouwing van deze verplichting wordt gegeven. Deze onderbouwing luidt als volgt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9dbd67820196045f6be9a6601449c9ec902c7a987299816f01da17d168cffde9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9dbd67820196045f6be9a6601449c9ec902c7a987299816f01da17d168cffde9, en de alinea staat in dat document op bytes 18407 tot 18961.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9dbd67820196045f6be9a6601449c9ec902c7a987299816f01da17d168cffde9 | shasum -a 256