Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 december 2001, ECLI:NL:PHR:2001:AD6774.

3.1. Bij Wet van 12 december 1991, Stb. 697 (de zgn. Brede Herwaardering I) is de behandeling van een dergelijke afkoopsom aanzienlijk gewijzigd. Aftrek van de voor een lijfrente betaalde premie als persoonlijke verplichting wordt sindsdien slechts verleend als (het recht op) de lijfrente niet kan worden afgekocht ( art. 45, lid 6 Wet IB 1964). Wordt (het recht op) de lijfrente toch afgekocht, dan worden de afgetrokken premies bij een in Nederland wonende belastingplichtige in aanmerking genomen als negatieve persoonlijke verplichtingen (art. 45c, lid 2, onderdeel b Wet IB 1964), en wel op het onmiddellijk aan die afkoop voorafgaande tijdstip (art. 45c, lid 6 Wet IB 1964). Deze negatieve persoonlijke verplichtingen worden bij de bepaling van het inkomen als een positief bedrag in aanmerking genomen (art. 3, lid 3, onderdeel d Wet IB 1964). Overtreft de afkoopsom het bedrag van de betaalde premies, dan wordt het surplus bij een in Nederland wonende belastingplichtige belast op grond van art. 25, lid 1, onderdeel g, j° lid 8 Wet IB 1964.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd52c0fc8974f6a860555d45bf302d5a6bf2f733ea8ab1b2659075a9047b8e8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd52c0fc8974f6a860555d45bf302d5a6bf2f733ea8ab1b2659075a9047b8e8b, en de alinea staat in dat document op bytes 7717 tot 8782.