Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2001

Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZC3637.

2.9 Eveneens terecht wordt door onderdeel b betoogd dat het onbegrijpelijk is dat het hof zijn bestreden oordeel mede heeft gebaseerd op de omstandigheid dat nauwkeurig was omschreven welke prestaties MTN nog diende te verrichten. Dit kan, naar het mij voorkomt, wél als argument dienen - in samenhang met het feit dat [eiser] het overeengekomen bindend advies heeft gefrustreerd - waarom MTN aanspraak kon maken op voldoening van haar vordering in conventie, maar niet waarom de reconventionele vordering van [eiser] c.s. onder de vaststellingsovereenkomst viel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c71c712fe5adaae95a786aad41d14c655db13aec828f5c00d8868ab4b1c7d1d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c71c712fe5adaae95a786aad41d14c655db13aec828f5c00d8868ab4b1c7d1d2, en de alinea staat in dat document op bytes 24636 tot 25213.