Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZC3684.

Hieraan voegt subonderdeel 2.3.1 toe dat de gronden die door de rechtbank voldoende zijn geacht voor de huuropzegging, namelijk dat de opzegging er (mede) toe strekte om aan de situatie van onderhuur een einde te maken, zodat [verweerder] c.s. rechtstreekse zeggenschap kunnen uitoefenen over degene die feitelijk het hun in eigendom toebehorende pand gebruikt, het gewicht aan de klacht over het uitsluitende doel van huurverhoging niet ontnemen, daar het inherent aan iedere opzegging is dat de verhuurder de beschikking over het verhuurde krijgt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49fa3540fbc7d19ba8d832b0ea16b001f52c75f1d88cd91352e04439cd19d678. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49fa3540fbc7d19ba8d832b0ea16b001f52c75f1d88cd91352e04439cd19d678, en de alinea staat in dat document op bytes 12534 tot 13097.