Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZC3684.
Deze klacht faalt m.i. wegens gebrek aan feitelijke grondslag. In de overweging van de rechtbank dat de investeringskosten inmiddels - na 25 jaar - zijn afgeschreven, kan niet gelezen worden dat zij van oordeel is dat de betreffende investering niet een relevante waarde in het economische verkeer en/of relevante exploitatiemogelijkheden bleef vertegenwoordigen. Het enige dat uit de aangevallen overwegingen van de rechtbank kan worden afgeleid is dat zij heeft geoordeeld dat het feit dat de investeringskosten reeds zijn afgeschreven, meebrengt dat het argument dat WE gedurende de loop van de overeenkomst investeringskosten heeft gemaakt niet een belang is dat meespeelt bij de afweging van belangen zoals bedoeld in art. 7A:1631a BW en er niet (mede) aan bijdraagt dat de relevante waarde in het economisch verkeer en/of de relevante exploitatiemogelijkheden die verbonden zijn aan de betreffende investering, ten goede moeten komen aan WE.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49fa3540fbc7d19ba8d832b0ea16b001f52c75f1d88cd91352e04439cd19d678. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49fa3540fbc7d19ba8d832b0ea16b001f52c75f1d88cd91352e04439cd19d678, en de alinea staat in dat document op bytes 21884 tot 22844.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49fa3540fbc7d19ba8d832b0ea16b001f52c75f1d88cd91352e04439cd19d678 | shasum -a 256