Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZC3697.

16) Hierop stuit het betoog uit al. 5 sub b) van het cassatierekest af. Een vordering wegens overbedeling kan op een later tijdstip dan dat van de verdeling opeisbaar worden (verklaard). Uit de eerder aangehaalde literatuur blijkt dat dat met name in gevallen van verdeling van illiquide ondernemingsvermogen (al dan niet mede goodwill omvattend, of uit goodwill bestaand) aangewezen kan zijn - en klaarblijkelijk ook in de praktijk wordt toegepast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9cf93db42d4fb1744c9651b6e29f90aefd567472b679f0b4da889fb0b285d97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9cf93db42d4fb1744c9651b6e29f90aefd567472b679f0b4da889fb0b285d97, en de alinea staat in dat document op bytes 14804 tot 15266.