Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Alinea 108 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZD2513.
51. De zaak [medeverdachte B] wijkt van de andere af in die zin dat daarin als tweede grond voor het bezwaarschrift de schending van de redelijke termijn figureert, waarbij niet slechts de termijn als zodanig, maar ook het juiste aanvangsmoment voorwerp van meningsverschil vormde blijkens het verhandelde ter raadkamer van de rechtbank. Deze bijzonderheid brengt mee dat de appèlrechter in de bezwaarschriftprocedure zich eerst hieromtrent nog een oordeel zal moeten vormen en in de zaak [medeverdachte B] terugwijzing dus moet volgen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4fae52558afedc7dcb7b1a69d33aaa49a42a7c0dad56ab3b3acfa5857ed755d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4fae52558afedc7dcb7b1a69d33aaa49a42a7c0dad56ab3b3acfa5857ed755d8, en de alinea staat in dat document op bytes 48319 tot 48870.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4fae52558afedc7dcb7b1a69d33aaa49a42a7c0dad56ab3b3acfa5857ed755d8 | shasum -a 256