Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 juni 2001, ECLI:NL:PHR:2001:ZD3012.

1.6 Voor de (voortgang van de) bestaande bedrijfsactiviteiten van Heuff op het desbetreffende terrein had de onteigening geen schokkende betekenis, maar voor doorzetting van Heuffs bedrijfsplannen op hetzelfde terrein (bouw en exploitatie van een asfaltcentrale), die volgens de deskundigen alleszins levensvatbaar waren, diende na onteigening in vervangend terrein te worden voorzien, vooral ten behoeve van opslag van grondstoffen voor de asfaltproductie. De centrale zelf was al voorzien op bestaande niet-onteigende grond; aan fundering was reeds begonnen. De deskundigen rapporteerden dat huns inziens een redelijk handelende ondernemer zou kiezen voor gedeeltelijke demping van de waterplas op het terrein. De Rechtbank sluit zich daarbij aan en oordeelt dat de daardoor ontstaande onrendabele investeringstop voor vergoeding in aanmerking komt. Zij motiveert als volgt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3675bccd4292599f6f6712148d4e156a6c4ac17485321e5f8ef8800299b7246e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3675bccd4292599f6f6712148d4e156a6c4ac17485321e5f8ef8800299b7246e, en de alinea staat in dat document op bytes 8591 tot 9481.